woensdag 11 augustus 2010

Beter laat dan nooit: Pieken - Bart-Jan Prak


Pieken op het juiste moment
De TOH dag, ik keek er al weken naar uit. Dagelijks checkte ik de verschillende weersites en keek vol belangstelling naar de voorspellingen, hopende op een oostelijk stroming en warm weer voor aanvoer van schaarse soorten en crowdpullers. Naarmate de dag dichterbij kwam werden de voorspellingen er niet beter op, maar team 1, met de fantastische nauwelijks uit te spreken naam Oceanodroma (Martijn Bot, Daniel Schepers en ondergetekende), liet zich niet uit het veld slaan. We begonnen om een uurtje zeven in het Molukkenplantsoen in de stad Groningen om de eerste goede soort van de dag in te koppen. De daar al dagen vertoevende Draaihals werd wreed wakker geschud. Het was al een echte stadsvogel geworden, was redelijk tam en liet zich mooi bekijken. Als een daar te verwachten hanggroep jongere, begon de vogel ineens obsceen gedrag te vertonen door ongegeneerd aan een boom te gaan likken. Ietwat geshockeerd door het getoonde gedrag liet Martijn zijn lens zakken en vervolgden we onze race. De binnenlandse steltloper-gebieden stonden centraal maar eerst even naar het Noordlaarderbos waar we enkele jaarsoorten konden bijschrijven. Ook gaf buienradar ons de hoop dat het om 9.00 uur droog zou worden, yes!!
De route bracht ons bij het Zuidlaardermeer en de Westerbroekstermaderpolder, ondertussen miezerde het nog steeds. Gelukkig joeg buienradar ons enthousiasme weer aan, het zou dadelijk droog worden. Vol goede moed gingen we naar de Kropswolderbuitenpolder. Half door een sloot wadend en door de hoge vegetatie waren we binnen vijf minuten tot onze spreekwoordelijke noten nat geworden. Het begon nu toch wel vervelend te soppen in de schoenen. De waarnemingen werden er ook niet beter op, we zagen mooie kamikaze Gierzwaluwen die rakelings lang onze hoofden scheerden, baltsende Bosruiters die zongen als Boomleeuweriken, een natte verregende Iberische/Italiaanse/Noordse of toch een Gele kwikstaart een mogelijke Buidelmees en een zingende Kleine Sprinkhaanzanger. Stringgedrag en geouwehoer begon er langzaam in te sluipen en de scherpte begon af te nemen, we moesten nog een halve dag... Ondertussen ontving Martijn steeds meer telefoontjes en steeds hoorden we hem zeggen: “Nee wij hebben ook nog niks” en “Nee er is ook nog niks gemeld”. Buienradar kon van mij ook de rambam krijgen wat het zeek nog steeds, het weer moesten we maar gewoon negerern. Ondertussen kregen we via de RBA Morinelplevieren door, gevonden door who else ‘de Lauwersloozers (DH en RC)’. We waren er al van overtuigd dat vandaag een steltloper de winnende soort zou zijn en dat konden best deze Morinellen worden.
Na wat belletjes besloten we naar Tetjehorn te gaan, een mooi gebied waar niet al teveel andere vogelaars zouden zijn en waar de afgelopen weken leuke aantallen stelten hadden gezeten. Bij Tetjehorn aangekomen zakte de moed mij in de natte zompige schoenen. Er stonden al meerdere auto’s, waaronder de gevreesde oranje twitchbus van een temperamentvolle Zuid-Amerikaan  die het gebied vast al wel binnenste buiten had gekeerd. Hier zal het ook niet gebeuren dacht ik, het miezerde nog steeds, maar ja natter kon je toch niet worden en we parkeerden de auto. Na een kwartiertje hadden we alles gecheckt met als hoogtepunt een paar Temmincks. Langzamerhand verslapte de aandacht en begonnen de social talks.
Martijn, als organisator van de TOH birdrace, voelde dat de dag nog een goede soort nodig had. Hij zei daarom daadkrachtig: “Kom, we lopen nog even naar achteren om de achterste veldjes te checken”. Met ons drie├źn liepen we naar de dijk van het Schildmeer. Op de dijk aangekomen keken we het gebied in, verderop zat een grote groep Kemphanen. Martijn zei: “Ik loop even daarheen om die Blonde Ruiter te vinden tussen de Kemphanen”.

Lui als ik soms kan zijn dacht ik, ppffff nog verder lopen, “Ik doe het wel vanaf hier” was mijn antwoord. Scoopje uitklappen, zoomen, scherp stellen en ……huh zag ik het nou goed. Nogmaals even checken, warm okergele borst en onderdelen, mosterd gele poten, rond zwart oog, kleine rond koppie, BLONDE RUITER!! Wow een nieuwe zelfontdeksoort en eentje die de dag nodig heeft. De adrenaline begon te stromen. “Martijn, hey MARTIJN!!” riep ik wat harder, “Hij loopt hier”…..“Wat?”… “Ja, die Blonde Ruiter!”. De blik van Martijn en Daniel sprak boekdelen, met een hoog ja ja gehalte. “Nee echt, ik maak geen geintje” zei ik met een verheven stem, “Kom dan kijken!”. Martijn en Daniel kwamen snel terug gelopen nog steeds denkend dat ik een geintje uithaalde. “Kijk dan!”….. “Verdomd, dat is er echt een!” “Documenteren en piepen” riep ik. De piep werd gezet en ondertussen ging Daniel in draf naar de andere groepen om ze te waarschuwen en was Martijn al druk plaatjes aan het schieten. Alles liep gesmeerd in team Oceanodroma!
De vogel liet zich mooi bekijken en was af en toe fanatiek aan het baltsen en trok zijn vleugels, als een jas van een volleerd potloodventer, regelmatig open tegen de onschuldige kemphennetjes. De vogel vloog naar een klein kwartiertje op, voerde nog een spectaculaire baltsvlucht uit, waarbij de halve manen op de ondervleugel goed te zien waren en verdween uit beeld. Na drie kwartier waren er enkele tientallen birdracers aanwezig, gelukkig vond Martijn de Blonde Ruiter terug en kon iedereen hem goed bewonderen.
Aan de reacties die ik per sms binnen kreeg bleek dat sommige teams de handdoek al in de ring hadden gegooid en me al feliciteerden met de nieuwe kijker. Ik realiseerde dat het nu toch wel spannend werd, maar er kon nog van alles gebeuren. De Lauwersloozers deden nog een laatste fanatieke poging om de eerste prijs binnen te slepen, maar de jury achtte de tweede Amerikaanse Wintertaling onvolledig gedocumenteerd. In een geweldige ambiance met een kleine zeventig vogelaars werd mij de eerste prijs uitgereikt! Dus ondanks het prut weer, een fantastische dag met een fantastische soort en evenzo fantastische prijs! Volgend jaar zijn we weer van de partij!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten